DAB+ laag 6 - Hoe berekent Broadcast Partners de veldsterkte & verzorging - uitgebreide versie

woensdag 22 april 2020 @ 12:43

Achtergrond
Niet iedereen is bekend met de berekening van de maximale mogelijkheden van een DAB allotment in Laag 6 en het bereik dat je daarmee verkrijgt. Hieronder een uitleg over de wijze waarop veldsterkteberekeningen moeten worden uitgevoerd en gepresenteerd voor een correct beeld.


Er zijn twee soorten veldsterkteberekeningen die ook nog eens feitelijk van elkaar verschillen:

  • theoretische veldsterkteberekeningen, noodzakelijk om na te gaan of aan artikel 4 lid 2 van de vergunningsvoorwaarden wordt voldaan;
  • praktische veldsterkteberekeningen die het ontvangstgebied (verzorging) weergeven op basis van de feitelijke zendergegevens.

Theoretische veldsterkteberekeningen

In artikel 4 lid 2 van de vergunning staat:

De vergunninghouder veroorzaakt geen hoger veldsterkteniveau dan 50 dBμV/m op 10 km afstand van het allotment en geen hoger veldsterkteniveau dan 40 dBμV/m op 30 km afstand van het allotment zoals opgenomen in bijlage I.

Dit artikel heeft tot doel, dat de totale veldsterkte van de zender(s) van een allotment niet méér veldsterkte mag maken dan hiervoor beschreven.

In de toelichting van de vergunning staat in hoofdstuk 4, 2de alinea, beschreven de wijze waarop dit dient te worden berekend.

In bijlage I wordt omschreven in welk geografisch gebied binnen Nederland het allotment kan worden gebruikt en onder welke voorwaarden. De vergunninghouder moet zijn netwerk zo inrichten dat voldaan wordt aan de waarden bedoeld in bijlage I.

De basis herhaalafstand qua frequenties is bepaald op circa 20 km. Daarbij wordt op 10 km afstand op 10 meter hoogte een maximum veldsterkte gehanteerd van 50 dBμV/m (50% tijd, 50% plaats). Dit is acceptabel om in het co-channel allotment (qua frequentie) een acceptabele verzorging te kunnen bieden. Het interferentieniveau (1% tijd, 50% plaats) vanuit omliggende DAB allotments en vanuit het buitenland bedraagt op 30 km afstand van het allotment niet meer dan 40 dBμV/m op een hoogte van 10 meter. Het interferentieniveau (1% tijd, 50% plaats) vanuit het DAB allotment bedraagt op 30 km afstand van het allotment niet meer dan 40 dBμV/m op een hoogte van 10 meter.

Hierin staat beschreven dat de maximaal toelaatbare veldsterktes aan bepaalde statistische voorwaarden dienen te voldoen op respectievelijk 10 en 30 km contouren vanaf de rand van een allotment. Dit zijn veldsterkteberekeningen die op 10 meter hoogte gedaan moeten worden. Hiervoor wordt het propagatiemodel van ITU recommandatie 1546 toegepast, zoals beschreven in de Final Acts van GE06.

De toegepaste zender, dan wel zendernetwerk binnen een allotment heeft een bepaald uitgestraald vermogen per richting. Bij een zendernetwerk worden de individueel berekende veldsterktewaarden per zender op elk punt van de contouren te worden opgeteld met de zogenaamde power-summing methode. Het is de enkelvoudig berekende veldsterkte, dan wel de gesommeerde waarde die aan de maximaal genoemde veldsterktewaarden van de vergunning moeten voldoen.

Voor alle duidelijkheid:

Deze berekende theoretische veldsterktewaarden zeggen alleen iets over de bescherming van andere allotments en totaal niets over de feitelijk te verwachten verzorging, waarbij de ontvangereigenschappen een rol gaan spelen. Het theoretische planningsmodel is een zeer restrictief model dat ver af staat van de realiteit, lees feitelijk te meten veldsterktes. Bovendien worden de berekeningen met het theoretische model op een ontvangsthoogte van 10 meter gedaan, terwijl de ontvangst in de praktijk op 1,5 meter ligt.

Praktische Veldsterkteberekeningen

Over de praktische te verwachten feitelijk ontvangstgebied (verzorging) wordt in de vergunningsvoorwaarden niet op ingegaan. Deze worden berekend op basis van de praktisch toe te passen zendergegevens. Deze dienen dus te passen binnen de hiervoor aangegeven theoretisch maximale waarden.
Broadcast Partners hanteert hierbij de volgende uitgangspunten:

  • ontvangst vindt doorgaans plaats op een ontvangsthoogte van 1,5 meter boven de grond;
  • voor een goede ontvangst moet er tenminste voldaan worden voldaan aan een minimale veldsterkte, berekend op 1,5 meter, om de ontvanger storingsvrij te kunnen laten werken;
  • in het open veld kan met een lagere veldsterkte worden volstaan dan in stedelijke gebieden;
  • voor binnenhuis ontvangst moet rekening gehouden worden met nog hogere veldsterktes als gevolg van gebouwdemping en boven andere vormen van elektrische storing (man-made-noise) uit te kunnen komen;
  • de spreiding in de kwaliteit van de ontvangers is groot. Er wordt daarom uitgegaan van een gemiddelde kwaliteit ontvanger;
  • de topografie van het terrein is mede bepalend voor de berekende veldsterkte.

Om aan deze uitgangspunten tegemoet te komen hanteert Broadcast Partners het propagatiemodel Longley-Rice. Dit model is bij uitstek geschikt om veldsterkte berekeningen te doen op 1,5 meter ontvangsthoogte. Bij de presentatie van de verzorging hanteert Broadcast Partners een kleurenschaal die de kans op goede ontvangst weergeeft. Deze verloopt in een geleidelijke schaal van geel naar rood. Bij geel is er kans op mobiele ontvangst in open terrein, tot en met rood voor kans op indoorontvangst. Niet alle plaatjes in de markt komen zo tot stand; je kunt er echter van op aan, dat de berekeningen en presentaties van Broadcast Partners hieraan voldoen.

Neem voor meer informatie contact op met één van onze medewerkers:  https://www.broadcastpartners.nl/nl/over-ons/team-broadcast-partners